NaNoWriMo: ervaring van een auteur

November, de maand van NaNoWriMo. We schreven er al eerder over en: Astrid deed deze maand ook mee. Wat is haar ervaring met deze eerste actieve deelname? En: schreef ze de gehoopte 50.000 woorden voor haar nieuwe roman?

NaNoWriMo ervaring van Astrid

Even terug naar de regels van NaNoWriMo

Voor ik je vertel over mijn ervaring, nog even de regels van ‘het spel.’ Het idee is dat je in november, National Novel Writing Month, 50.000 woorden schrijft; ongeveer het aantal woorden van een bescheiden roman. Je bent de enige auteur die aan dit boek werkt en begint pas op 1 november met schrijven. De voorbereiding mag je wel daarvoor doen. Het genre is vrij – als het maar fictie is.

Valsspelen

Ik begon met … valsspelen. Maar dat werd beloond met een NaNoWriMo-badge, die van rebel. Ik had namelijk de eerste 5.000 woorden al geschreven voor 1 november. 1 november heb ik de tekst die ik al geschreven had opnieuw doorgewerkt, dingen herschreven en aangevuld. Daarna deed ik de rest van de week eigenlijk helemaal niets. Ook niet op mijn vrije woensdag. Ik dacht steeds aan het boek, maar schrijven? Dat wilde niet lukken. Ik dacht na over wat ik dan nodig had om wel te gaan schrijven. Ik zocht een plek buitenshuis waar ik heen zou kunnen, dacht aan een goed moment en sprak daarover met mede-schrijvers en met vrienden.

Week 2: helweek

Week 2 staat volgens de organisatie bekend als helweek: je begint het schrijven zat te raken, je hoofdpersoon vind je niet meer zo leuk en waarom deed je dit eigenlijk ook weer? Bij mij was dat anders, want: ik had eindelijk een ritme! Iedere ochtend rond 6 uur begon ik de dag met schrijven. En dat ging verrassend goed! Geen werk waardoor ik werd afgeleid, buiten was het nog donker en mijn hoofd was nog leeg. Ik koos ervoor op een andere plek in huis te gaan zitten dan aan mijn bureau of de eettafel, omdat ik op beide plekken werk en dat komt de creativiteit niet ten goede. Aan het einde van die week had ik mijn eerste stuk zo ver af dat ik dacht ‘dit kan wel naar de meelezers.’

Week 3: Onderzoek doen

Mijn nieuwe boek heeft twee tijdlijnen en speelt zich ook nog af in twee landen. Het begint allemaal in Den Haag in 2019. Daar kan ik vanuit eigen kennis en ervaring heel goed over schrijven. Maar toen ik dat deel afsloot aan het begin van week 3, begon een lastiger deel van mijn verhaal. Dat speelt namelijk eerst in Den Haag en later in Parijs en wel zo’n 60 jaar geleden. Wat deden vrouwen toen? Welke wijken in Parijs waren toen de goede wijken? Kon je als vrouw toen wel werken of studeren? Kortom: tijd om onderzoek te doen. En dat vertraagde het schrijfproces in week 3. Elke dag kwam er wel wat op papier, maar die 1.667 woorden per dag? Nee, die haalde ik bij lange na niet. Toch voelde het goed, want mijn verhaallijnen groeiden in een apart document wel mee.

Week 4: Reactie van de meelezers

Aan het begin van week 4, de laatste hele week van NaNoWriMo, kreeg ik de reactie van mijn twee meelezers. Het fijne daarvan: ze zijn beiden enthousiast over wat ze gelezen hebben en willen graag door met lezen. Het minder fijne: de twijfel of ik nu eerst met hun opmerkingen aan de slag moest, of toch door ging met schrijven. Uiteindelijk koos ik voor het laatste, want mijn plan is om deze meelezers niet nog een versie voor te leggen, daar vraag ik weer iemand anders voor. En dus ging ik verder met schrijven. Maar door ‘het dagelijks leven’ (werk, familie) was er minder tijd en rust dan gepland. Dus soms waren het maar twee zinnen en soms alleen wat notities in mijn bestand met verhaallijnen.

Met de billen bloot

November is nog niet helemaal voorbij als ik dit blog schrijf. Wie weet wat er nog gaat gebeuren! Ik heb op dit moment iets meer dan 10.000 woorden geschreven. Wat ik ook voor eindspurt maak: ik kan met zekerheid zeggen dat ik in de paar dagen die nog resteren niet nog 40.000 woorden op zal hoesten. En toch ben ik tevreden. Met de gewoontes van de afgelopen 4 weken weet ik hoe ik de komende 3 tot 4 maanden verder kan schrijven aan mijn boek. Ik heb een nieuw ritme gevonden, een dat past bij hoe de rest van mijn leven er op dit moment uitziet. Eind maart hoop ik dan een eerste, complete versie te hebben. Eind april een versie waarin de opmerkingen van mijn meelezers verwerkt zijn. En dan is het ook tijd voor de volgende stap: een redacteur naar het hele manuscript laten kijken!

Over de auteur

Schrijven zit in mijn DNA, net als lezen. Ik ben de oprichter van Queesten Boekproducties, schrijf zelf veel blogs en ben bezig aan mijn tweede roman. Daarnaast werk ik als onderwijskundige bij een ROC.